Select Page

Kleinkinderenfeuilleton deel 4

Kleinkinderenfeuilleton deel 4

Een piepklein t-shirtje, de aankondiging van ons eerste kleinkind. Glunderende gezichten van Onno’s zoon Tim en Frederique (die vanaf deze column liever Eva wil heten, maar dat terzijde). Blije guppen dus, die Tim en Eva en evenzo hun ouders, wij dus.

Helemaal onverwacht was het niet, het nodige ging vooraf. Oeverloze discussies over als een van de andere wel zwanger zou worden en hoe Micky daarop zou reageren: “want mam, je snapt dat het moeilijk is, zij is de oudste, zij is het langste bezig, en wat nu als wij eerder een kindje hebben dan zij?” Het was Micky zelf die iedereen geruststelde: “Ja, hoor eens, zijn jullie helemaal gek, ik wil kindjes zien, zoveel mogelijk. Is het niet bij ons dan tenminste bij mijn broers en zussen.”

Natuurlijk hing ze wel eens snikkend aan de telefoon die eerstgeborene van me: “Kom uit het AMC en heb tweede IVF-poging achter de rug, ben nu onderweg naar een babyshower van een collegaatje van me. Voel me zo rot, heb er zo geen zin in en moet de hele tijd huilen.” Het benoemen, er over praten, grapjes maken en dan ging het wel weer. Maar ook bij haar was er die opluchting dat Tim en Eva een kindje verwachten. Bovendien de adoptieprocedure liep parallel en er leek schot in te komen…

Een bedrukte Eva aan de telefoon. Ze had de de uitslag van haar 20-wekentest en die viel tegen. “Er is een verhoogde kans van een aangeboren afwijking geconstateerd en we hebben besloten een vruchtwaterpunctie te doen. ” Afwachten dus, slapeloze nachten en veel bellen: Ik met Eva en met de broers en zussen. We hielden ons hart vast. En het lot besliste. Die ene kans op zoveel dat een vruchtwaterpunctie eindigt in een miskraam viel bij ons. De hele familie in rep en roer, wat een verdriet…

Enkele dagen later, een uitnodiging voor een etentje met Rutger en Caroline. Voelde ik het aankomen? Nee, ik was onvoorbereid: “In maart worden jullie opa en oma.” Even wist ik het niet meer en voelde de tranen branden. Hier zat mijn jongste dochter en keek me vol verwachting aan. Ik moest toch blij zijn? We sloten onze kinderen in de armen en tranen vloeiden…

Onno en ik snakten naar tijd voor onszelf en planden een reisje naar Londen, naar Bastiaan en Amber. Een mooi meisje ┬ázat naast ons in het vliegtuig. Ze huilde. “Ik moet er even tussenuit,” snikte ze, “ik weet niet hoe het verder moet. ” Ik legde m’n hand op haar arm en ze vertelde: “M’n tweelingzusje is zwanger van haar tweede kindje en bij mij lukt het niet… ” Haar verdriet en het onze. In a nuttshell.

About The Author

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Share This